Het leenstelsel maakt het voor starters op de woningmarkt niet makkelijk, daar waarschuwen makelaarsverenigingen voor binnenkort bij een ronde tafel in de Tweede Kamer. Met de nieuwe hypotheekregels die vanaf 2018 gelden moeten starters meer sparen, het leenstelsel met hogere schulden bemoeilijkt juist dat sparen.

Binnenkort is er in de Tweede Kamer een rondetafelbijeenkomst over starters op de woningmarkt. Hiervoor zijn ook makelaarsverenigingen NVM en VBO uitgenodigd. Beide verenigingen hebben naar aanloop van deze ronde tafel een position paper geschreven waarin zij ingaan op de problemen van starters op de woningmarkt.

Starter in lastige positie

Volgens de vereniging van makelaars VBO is de positie van starters gecompliceerd. “Verschillende politieke ontwikkelingen hebben grote invloed (gehad) op de positie van de starter. De problematiek van starters op de woningmarkt kan niet geïsoleerd worden bezien”

Allereerst wijst de vereniging van makelaars op het in 2015 ingevoerde leenstelsel. “Dat levert meer starters op met een schuld. Ondanks de aantrekkelijke leenvoorwaarden, blijft het een lening en wordt schuld opgebouwd. Zeker bij hoge(re) schulden levert dit een aan de woningmarkt gerelateerde financieringsproblematiek op en daarmee een verminderde startpositie.

Sparen met een stevge schuld

Daarnaast verwijst de VBO naar een maatregel die er voor zorgt dat er niet meer geleend mag worden dan de aankoopwaarde van het huis. Deze maatregel wordt Loan to Value (LTV) genoemd. “Vanaf 2018 geldt een LTV van 100%, waardoor de kosten koper, de kosten voor een verbouwing of andere kosten die bij een (eerste) woning komen kijken niet kunnen worden meegefinancierd. Sparen wordt daarmee van toenemend belang, wat haaks staat op de schulden die via het leenstelsel zijn aangegaan. De starter begint met sparen met een stevige schuld.”

Ook de andere brancheorganisatie in de makelaardij, MVM makelaars is uitgenodigd voor de hoorzitting. Deze gaan in hun position paper ook in op studieschulden in combinatie met de LTV-norm. “Er zijn de laatste jaren verschillende maatregelen genomen die de financieringsmogelijkheden beperken. Wij constateren dat deze maatregelen de starters het hardst raken. De beperking van de LTV-normen naar 100% leidt ertoe dat starters meer eigen geld moeten meenemen, terwijl doorstromers vaak overwaarde op de huidige woning kunnen inzetten. Een studieschuld drukt de leencapaciteit nog verder omlaag. Al met al is de positie van starters op de woningmarkt relatief ongunstig.”